Al sinds mijn kinderjaren weet ik dat ik moeder wil worden. Toen ik ouder was, wist ik ook wanneer ik moeder wilde worden: op mijn 25ste. Mijn oma was 25, mijn moeder was 25 en ik wilde die lijn doorzetten. Maar om moeder te worden heb je een man nodig! Op mijn achttiende dacht ik die al gevonden te hebben, maar dat ging uit. Inmiddels wist ik al dat 25 niet haalbaar zou zijn. Ik studeerde nog, wilde nog veel zien van de wereld en had nog geen man. Al snel ontmoette ik de liefde van mijn leven én vader van mijn toekomstige kinderen. Toen we een half jaar getrouwd waren en het al veel over onze kinderwens hadden gehad, besloten we op een gezellig avond spontaan ‘het risico te nemen’. Ik werd 2 weken later ongesteld, maar de teleurstelling was niet heel groot, want hoe groot is de kans dat het letterlijk in één keer raak is? Toch vertrouwde ik het niet. Ik had een Pearly (cycluscomputertje; natuurlijk voorbehoedsmiddel op basis van je temperatuurcurve) geleend van een collegaatje en die bleef een stabiele temperatuur aangeven. Dit kon een indicatie zijn van een zwangerschap. Omdat m’n menstruatie ook niet heel indrukwekkend en overtuigend was geweest, ging ik twijfelen. M’n collega zei: doe gewoon een test, dan weet je het. Zo gezegd, zo gedaan!

positieve-test-april Ik bleek zwanger! Mijn man en ik konden het nauwelijks geloven. Zo snel! Want we wisten al jaren dat het voor ons best wel eens langer kon gaan duren door mijn ‘conditie’ (zie blog ‘Kinderwens’). Ik grapte: “Nou, je hoeft maar naar me te kijken en ik ben zwanger! Zit in de genen!” Ik belde met gezonde zenuwen de verloskundigenpraktijk op die ik op het oog had en vertelde dat ik een positieve zwangerschapstest had, maar wel een bloeding had gehad rond mijn verwachte menstruatiedatum. Ik kreeg het telefoonnummer van de echopraktijk en mocht niet eerder dan vrijdag 13 juni 2014 een afspraak maken. Ik zou dan ruim 7,5 week zwanger zijn. Toevallig was het maandelijkse zaterdagspreekuur op 14 juni. Vrij vroeg nog om iets te kunnen zien of horen, dat besefte ik, maar met ons werk vonden we zaterdag fijner. De afspraak was gemaakt: 9.30 uur. Lekker vroeg, dan hadden we nog de hele dag om ervan te genieten. Ondertussen was ik nog een keer wat bloed verloren, maar de verloskundigen stelden me steeds gerust, want dat kwam vaker voor. De zwangerschapstest die ik voor Moeders voor Moeders deed, was ook knalpositief. Dus langzaamaan begon ik er ook in te geloven en aan het idee te wennen, ook al voelde ik niks en riep ik om het hardst: “eerst zien, dan geloven”. In mijn zwangerschapsyogalessen die ik geef verklapte ik stiekem al dat ik ook zwanger was en dat ik over 2 dagen de eerste echo had. Iedereen was zo enthousiast!

buik-zwanger-aprilOp de afdeling waar we moesten zijn, was het pikkedonker. We twijfelden of we wel goed waren. De echoscopiste kwam naar buiten en verwelkomde ons. Superspannend! Ik mocht op de tafel gaan liggen en kreeg een klodder van die gel op m’n buik. Net echt! 😉 Ze kon niet echt wat zien, zoals voorspeld, dus probeerde ze nog even een inwendige echo. Op het scherm verscheen een zwarte streep: mijn baarmoeder. Ik weet niet meer precies wat ze zei, maar ze vond geen zwangerschap, dus ‘zocht’ ze verder. Ze zwiepte het echoapparaat naar links en daar zat het vruchtje. Een piepklein boontje in een vruchtzakje. Dit was niet goed… Ze vertelde ons dat dit waarschijnlijk een buitenbaarmoederlijke zwangerschap was en dat ze even met de dienstdoende gynaecoloog moest bellen. Ze stuurde de echo meteen door en de gynaecoloog bevestigde haar conclusie. We moesten meteen door naar het ziekenhuis 30 km verderop. De echoscopiste was erg begaan met ons en vroeg voorzichtig: “misschien een gekke vraag nu, maar wil je een afdruk van de echo?” Ik ben nu zo blij dat ze dat vroeg! Ik zei nog stoer: kan gebeuren, het is wat het is. Maar toen zei ze al: je hoeft je niet groot te houden, het is gewoon heftig wat je meemaakt.

Pas toen we naar buiten liepen en ik mam belde – die nog niet wist dat ik zwanger was, dat wilden we zondag op vaderdag vertellen – sloeg de grond onder mijn voeten vandaan. Ik zakte bijna door m’n benen en barstte in huilen uit toen ik moest vertellen dat ik zwanger was, maar dat we naar het ziekenhuis moesten om het vandaag nog weg te laten halen. Mam kwam meteen. F. belde zijn moeder en ook zij sprong in de auto. Pap belde onderweg ook nog even en zijn stem klonk aangeslagen. Dat deed me veel.

ziekenhuisopnameIn het ziekenhuis keken ze me verbaasd aan toen ik rustig aan kwam wandelen bij de balie. Ze verwachtten me al. Maar kennelijk komt het niet veel voor dat de zwangerschap nog intact is en je geen pijn of bloeding hebt op het moment dat je erachter komt dat het buitenbaarmoederlijk is. De gynaecoloog, een potige dame, kwam ons halen en weer kreeg ik een inwendige echo. Ze was een stuk minder subtiel dan de echoscopiste in het andere ziekenhuis. Ze bevestigde de buitenbaarmoederlijke zwangerschap en liet ons het hartje zien: “kijk, dat knipperende stipje, is het hartje”. Hartverscheurend, want het kindje leefde dus nog. Achteraf denk ik dat de echoscopiste ons dit bewust niet heeft verteld. De gynaecoloog vertelde ons wat de risicofactoren waren – die ik allemaal niet had – en wat de vervolgstappen waren: ik zou een laparoscopie krijgen, een buikoperatie via drie gaatjes in de buikwand. Ze zou dan het vruchtje weghalen. Indien mogelijk eileiderbesparend, maar eigenlijk ging ze ervanuit dat ze deze ook moest verwijderen. Want met een beschadigde eileider heb je nog meer kans op herhaling. Ik schrok me rot van deze informatie. Maar ze ratelde al door en zei dat de andere eileider voor 80% de functie overneemt, dus dat ik goede kans zou hebben om met één eileider zwanger te raken. Al snel schakelde ik in de ‘robotmodus’. Het was ook zo onwerkelijk en de gynaecoloog deed me denken aan een legerzuster; vrij emotieloos en nuchter, zelfs wat ongeduldig. Alsof ze elke dag zes van ‘deze gevallen’ voorbij zag komen en er niet zo’n zin meer in had…

infuus-bbzIk werd op de spoedeisende hulp opgenomen en een vriendelijke verpleegkundige vertelde wat de bedoeling was. Ik zou om drie uur geopereerd worden. Maar nu kreeg ik alvast een naald in m’n arm voor m’n infuus, om ook alvast wat bloed af te nemen voor onderzoek. Het prikken ging niet van een leien dakje. Na drie keer prikken, probeerde ze een andere infuusnaald, die er wel in ging. “Nou, dat begint goed,” dacht ik. Mam, m’n schoonmoeder en F. zorgden voor wat afleiding. Maar als m’n gedachten afdwaalden, sprongen de tranen in m’n ogen. Het wachten duurde enorm lang. Om drie uur kwam er nog niemand. Om half vier – na herhaaldelijk vragen – ook niet. Net voor vier, werd ik opgehaald. Ik kreeg zo’n sexy operatiejasje aan en werd naar de operatiezaal gereden. Kreeg een dikke kus van mam en m’n lief liep nog even mee. Bij de deuren moest ik hem achterlaten. Of hij mij. Erg moeilijk. Op dat moment moest ik huilen. De operatieassistent dacht dat ik pijn had of het moeilijk vond. Maar op dat moment had ik vooral moeite mijn man zo machteloos achter te laten.

Ik was na mijn tweede nooit meer in een operatiezaal geweest, dus ik wist eigenlijk niet hoe die ervan binnen uit zagen. Ik had geen raam verwacht. De beeldschermen stonden op testbeeld. Ik moest op de koude operatietafel gaan liggen. Het personeel bereidde de operatie voor en mij werd de hele procedure uitgelegd. Ik deed m’n ogen dicht, ging naar mijn Ujjayi breathing (yoga ademhaling) en dacht aan de gezellige strandwandeling die we met vrienden hadden gemaakt die week op een zomerse avond. F. en ik vonden het bijzonder zo’n bijzonder geheim te delen. Mooie avond! Ik kreeg de narcose via het infuus. De koude vloeistof stroomde m’n aderen in. Bij m’n schouder aangekomen ging ik ‘out’ en een tijd later werd ik hoofdschuddend wakker op de uitslaapkamer. Een zuster vroeg in plat dialect hoe het ging en hoeveel pijn ik had. F. en mam werden gebeld om te komen. Herinner me vaag nog dat ik helemaal suf van de narcose riep dat mam ook moest komen, maar kennelijk was niet duidelijk of ik nou om m’n maN of maM had gevraagd. Gelukkig kwamen ze beiden!

Ze schrokken wel dat ik nog zo lag te schudden met m’n hoofd. En kraamde vast ook onzin uit. Maar ik was tot grote hilariteit van iedereen wel zo ‘bij’ dat ik eerst nog vroeg wat voor pijnstiller ik zou krijgen 😉

lunch-ziekenhuisIk mocht weer naar de kamer en kreeg rond etenstijd een bammetje met een gekookt eitje en wat fruit. Had honger! Later op de avond kwam de gynaecoloog en vertelde dat de operatie naar tevredenheid was verlopen. Wel was ze nog voor een flinke verrassing komen te staan. Het vruchtje had net voor de operatie losgelaten – stiekem een opluchting, want er was geen scalpel aan de pas gekomen – en ik had al 300ml bloed in mijn buik. Ze had dus niet in m’n eileider (of het vruchtje) hoeven te snijden, alleen wat moeten schoonmaken en ‘stofzuigen’. Ik bleek – zo bleek uit m’n eigen research later – een ‘fimbrial ectopic’ te hebben gehad, een buitenbaarmoederlijke zwangerschap aan de vingervormige uiteinden van de eileider. Deze uiteinden heeft de gynaecoloog hier en daar moeten dichtschroeien om de bloeding te stelpen. Mogelijk zijn ze wel wat minder soepel dan voorheen, maar ik heb m’n eileiders nog allebei! M’n hCG-waarden waren ook goed, flink gezakt al, dus ik mocht naar huis.

Toen ik me ging aankleden in de badkamer en net een onderbroek aan had gedaan, viel ik flauw. Paniek in het kleine kamertje. Mam hield m’n hoofd vast. Zusters kwamen aanrennen. Pap en zus – die inmiddels ook waren gekomen – werden naar buiten gestuurd en F. klom in één sprong van buiten – hij was aan het bellen met zijn broer – de kamer in door het raam. Ook hij moest de kamer uit, maar schijnt te hebben gezegd: ik laat mijn vrouw niet alleen *trots* Ik had niet het idee dat ik veel had gemist, want ik kwam weer bij toen ik door vier zusters op werd getild en in bed werd gelegd. Ik begreep de commotie niet zo goed 😉

littekens-bbzHet leek iedereen ineens toch wel een goed idee dat ik een nachtje zou blijven. Ze vertelden er wel eventjes bij, dat als er ’s nachts een spoedgeval zou zijn, ik wakker zou worden gemaakt en op een gedeelde kamer zou komen te liggen. Niet een heel fijn idee net voordat je gaat slapen. Maar gelukkig was ik moe genoeg. ’s Nachts moest ik plassen en een hele relaxte nachtbroeder bleef in de buurt, mocht ik weer flauwvallen. Maar gelukkig bleef ik overeind! De volgende ochtend kreeg ik ontbijt en al snel stond m’n lieve man weer in de kamer. Fijn! Niet veel later mocht ik naar huis. In een rolstoel duwde F. me naar de auto. Viel toch even tegen. Lopen was toch pittiger dan ik dacht. En ja, hoe doe je je gordel aan? Dan maar even zonder!

De dag erna moest ik bloedprikken. F. bracht me met de auto. Zo gepiept! Na één volle week thuis, en een megagrote fruitmand van m’n collega’s, ging ik beetje bij beetje weer werken. Langzaam opbouwen. M’n collega’s waren lief voor me en sommigen vroegen naar mijn verhaal. Superlief! Ik was snel moe en overprikkeld en de onzekerheid in m’n lijf sloeg – achteraf gezien – ook over op m’n werk. Het duurde echt even voordat ik daar bovenop was!

Vanaf die eerste maandag, ging ik elke week.. Elke maandagochtend voor mijn werk weer een paar buisjes bloed af laten tappen. Oh, wat kreeg ik er een hekel aan! Vooral toen ik per ongeluk in m’n rechterarm had laten prikken, m’n ‘muisarm’ en ik de hele dag die prik voelde.. Argh! Maar misschien was het wachten tot woensdagmiddag voor de uitslag nog wel irritanter. Zeker als ze ineens vergeten te bellen :S Maar in principe ging het goed, m’n hCG daalde langzaam maar gestaag.

Op één van de uitslagdagen kreeg ik te horen dat m’n waarden nauwelijks waren gedaald. Geen goed nieuws. Want als je hCG niet genoeg daalt of stagneert, kan dat wijzen op achtergebleven weefsel. En als dit weer gaat groeien, of nog groeit, dan moet je een MTX-kuur (chemokuur) om dit te stoppen. Gevolg is dat je zes maanden niet zwanger mag worden. Zo’n chemokuur zag ik niet zitten. Allereerst wil ik die troep niet in m’n lijf, maar ook het wachten leek me niks!

Na twee weken is spanning mochten we op de poli langs komen voor de uitslag en controle. De uitslag was positief, want m’n waarde was weer flink gezakt! Een hCG-waarde van 1, wat betekende dat ik niet meer hoefde te prikken! Hoera! Echt zó enorm opgelucht! De gynaecoloog zag niks bijzonders op de inwendige echo, het zag er allemaal prima uit. Dus we waren, na één gewone menstruatie, weer ‘ready to go’. Allebei goede moed! Hoe sneller weer zwanger, hoe beter… Want hoe langer het duurt, hoe groter de angst dat het weer fout gaat… Dit was begin augustus 2014.

De rest van ons ‘avontuur’ kun je vanaf januari wekelijks lezen op de blog!

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *